kraambedpsychose

Hysterica ging op pelgrimage Margery Kempe zat achter de jongens aan, barstte vaak in huilen uit en droomde ervan heilige te worden. In 1438 schreef ze een autobiografie, die 500 jaar later ons beeld van de middeleeuwen op zijn kop zette.
Margery Kempe baarde opzien in haar dorp Bishop’s Lynn in het Engeland van de 15de eeuw. Als getrouwde vrouw met 14 kinderen wilde ze toch de kleur wit dragen, die voorbehouden was aan nonnen en maagden. Ook had ze intense religieuze visioenen die haar er toe brachten haar man te verlaten om op pelgrimage naar Jeruzalem, Spanje en Noorwegen te gaan. Ze hoopte dat zo haar hartenwens in vervulling zou gaan: heilig verklaard worden.
Toen Margery begin 60 was, besloot ze haar levensverhaal op te schrijven. Deze autobiografie is waarschijnlijk de eerste die in het Engels is uitgegeven. Tot heilige heeft ze het nooit geschopt, maar The Book of Margery Kempe zou wel een van de belangrijkste historische bronnen worden voor het leven in de middeleeuwen.

Een ijdel meisje
Als kind was Margery dol op kleding en mode en ze hield ervan op te vallen: “Mijn buren waren jaloers en wilde dat ze net zo goed gekleed waren als ik”, zou ze later onbescheiden bekennen in haar autobiografie.

Toen Margery op haar twintigste haar eerste kind kreeg, nam haar leven een onverwachte wending. Margery zag de langdurige, pijnlijke bevalling als een voorproefje van de hel. Een plek waar ze doodsbang voor was.

Ze ging te raden bij een priester, maar die nam haar niet serieus. Margery draaide door en haar man John Kempe zag zich gedwongen zijn jonge vrouw op te sluiten in de voorraadkamer.

In die voorraadkamer verbleef ze wel acht maanden, tot Jezus voor haar verscheen. Ze schreef hierover in haar boek: “Waarom heb je mij verlaten als ik jou niet heb verlaten?”, vroeg Hij.

De religieuze roeping
Nu ze Jezus had gezien, was Margery niet bang meer. In eerste instantie wilde ze haar egocentrische manier van leven gewoon weer oppakken. Toen John Kempe er echter niets voor voelde om haar dure levensstijl te bekostigen, besloot ze zelf geld te verdienen.
‘Ik wilde niet berispt worden en in tegenstelling tot mijn man was ik nooit tevreden wat God mij gaf. Ik wilde altijd meer’, schrijft ze. Ze zette haar eerste schreden op het pad als zakenvrouw met een brouwerij, die uitgroeide tot de grootste in Bishop’s Lynn. Maar het bedrijf ging failliet.
Na dit fiasco probeerde ze het als molenaar. Twee paarden trok een molensteen rond en voor het praktische werk nam ze een knecht in dienst.
Op een avond weigerde eerst het ene en toen het andere paard dienst. De knecht zag het als een teken van God en nam ontslag. Hij vond Margery een slechte ijdele vrouw – en Margery zag in dat hij gelijk had. Na nog een religieuze openbaring kreeg ze een nieuw levensdoel: heilig worden. De eerste stap in die richting was kuisheid.
Maar John Kempe voelde er weinig voor om zijn rechten als echtgenoot op te geven en dat betekende dat kinderen bleven komen.
Pas na de dood van Margery’s vader, een succesvolle zakenman en voormalig burgermeester, kon ze met haar man onderhandelen. Hij had namelijk een flinke schuld en Margery zou worden vrijgesteld van haar echtelijke plichten, als ze deze met haar erfenis afbetaalde. De twee gingen elk hun eigen weg en Margery kon haar roeping volgen.
Hoewel ze zich had voorgenomen vroom te leven, viel de kuisheidsgelofte Margery zwaar. Ze probeerde zelfs eens een jonge man te verleiden bij de kerk. Dat mislukte echter, vertelt ze eerlijk in haar autobiografie. De man zei dat hij liever in stukken zou worden gesneden en gekookt dan dat hij zich met haar zou inlaten en hij ging ervandoor.
Margery beschrijft in haar boek hoe ze het voorval besprak met God. Hij legde uit dat ze moest zondigen, zodat ze iets had om boete voor te doen.

Margery’s eerste reis

Margery was 40 jaar toen ze haar eerste pelgrimstocht ondernam, die haar naar Jeruzalem bracht. Daar, boven op de berg Golgotha waar Jezus stierf aan het kruis, kreeg ze haar eerste hysterische huilbui. De mensen die getuige waren van deze hevige aanval van tranen en gejammer waren geschokt.
Sommigen zeiden dat ik ziek was. Anderen dat ik bezeten was. Weer anderen dat ik dronken was. Sommigen wilden mij verbannen of wensten dat ik in de haven op de bodem van de zee lag. Er waren er bij die wensten dat ik de zee op zou gaan in een bodemloze boot, vertelt ze in haar autobiografie.
Ze huilde zo vaak en hevig, dat Margery een irritante reisgenote was. Het hielp ook niet mee dat ze alleen maar over religie wilde praten en de andere pelgrims voortdurend op hun zonden wees. Redenen genoeg voor haar reisgenoten om haar weg te sturen; ze moest grote delen van haar pelgrimsreizen in haar eentje afleggen.
Margery ondernam nog twee grote pelgrimstochten, een naar Santiago de Compostella in Spanje en een naar de Noorse Brigitta-klooster. Margery bewonderde de heilige Brigitta (1303-1373), die net als zij trouwde en acht kinderen kreeg voor ze na een religieuze ervaring op pelgrimstocht ging.

Beschuldigt van ketterij

Vanwege haar huilbuien en haar witte kleding klaagde de katholieke inquisitie Margery aan voor ketterij. Ze werd door de bisschop van York verhoord, maar minder onder het verhoor barstte ze opeens in tranen uit. Toen de bisschop vroeg waarom ze zo huilde , antwoordde Margery: “Op een dag zult u wensen dat u zelf zo had geweend als ik”. De toehoorders waren geschokt dat een gewone vrouw de bisschop zo toesprak, maar Margery Kempe werd vrijgesproken en bleef wit dragen.
Toen Margery begin 60 was, vertelde God haar dat het tijd was om rustig aan te doen. In 1438 huurde Margery, die analfabeet was, twee klerken in om haar biografie te schrijven. Met haar boek wilde Margery bereiken dat de katholieke kerk haar heilig zou verklaren, maar dat lukte niet. Wel wordt ze in de Anglicaanse kerk geëerd De biografie gaf haar een plaats in de geschiedenisboeken. Het manuscript dat in 1912 werd ontdekt, veranderde ons beeld van het vrouwenleven in de 15de eeuw radicaal en is nog steeds een belangrijke middeleeuwse bron.

Kraambedpsychose leidde tot religieuze visioenen

Onderzoekers van nu duiden het gedrag van Margery Kempe als een psychische ziekte. Aangezien haar visioenen begonnen na de geboorte van haar eerste kind, had ze vermoedelijk een kraambedpsychose.
Dit soort gedrag bij vrouwen was echter in de middeleeuwen niet ongewoon, vrouwen die visioenen hadden, kozen vaak voor een extreme, religieuze levenswandel. Zo liet Margery’s tijdgenote Juliana Norwich, zich inmetselen in een kleine ruimte achter het altaar in een kerk. Door een kiertje kon ze nog ademhalen en eten ontvangen.
Catherina van Siena vastte totdat ze zo mager was dat ze in 1380 als 33 jarige aan een hartaanval bezweek. Maria van Oignies, die in 1213 overleed, had net als Margery de ‘gave van de tranen’ en kreeg een hysterische huilbui als ze een kruis zag of zelfs maar aan het lijden van Jezus dacht.

References

Margery Kempe_Hysterica ging op  pelgrimage
&
ww.luminarium.org