1749-1823_Edward Jenner

Edward Jenner 17 mei 1749 en 26 januari 1823 was een Engelse arts, de ontwikkelaar van het koepokken-vaccin op basis van koepokken.

♦ Jeugd
Edward Jenner is geboren in Berkeley, Glouceestershire als achtste van negen kinderen van de lokale dominee, Stephen Jenner, en zijn vrouw Sarah. Toen Edward vijf jaar oud was, overleden zijn ouders en werd hij verder door zijn oudste zus opgevoed. Edward had van jongs af aan veel interesse in de natuur.

♦ Opleiding
Hij ging in Wotton-under-Edge en Cirencester naar school. Op zijn veertiende werd hij leerling van Daniel Ludlow, de arts van Chipping Sodbury en in zeven jaar deed hij daar de ervaring op die nodig was om zichzelf als arts te kunnen vestigen. In 1770 vertrok hij naar St. George's Hospital in Londen om zijn opleiding af te maken bij John Hunter. Hunter zag al gauw in dat Jenner een begaafde leerling was; hun leven lang zouden ze vrienden blijven. In 1772 ging Jenner terug naar Berkeley om zich daar als arts te vestigen.

♦ John Hunter,
was een voormalig chirurg van de marine, hij was geen academicus maar een bezield en intelligent onderzoeker, die het slachtoffer werd van één van zijn eigen experimenten. Bij een poging om uit te vinden of gonorroe en syfilis twee verschillende ziekten waren of slechts één en dezelfde ziekte in twee vormen, spoot hij zichzelf in met het pus van een patiënt.
Hij had toevallig een patiënt gekozen die geïnfecteerd was met beide aandoeningen. Dat leidde tot zijn foute stelling dat gonorroe en syfilis één en dezelfde ziekte zijn. Dit leidde tot een syfilitisch aneurysma van zijn aorta, waaraan hij stierf

♦ Huidschilfers
Al eeuwenlang was in China al bekend dat als je wat huidschilfers van een pokkenlijder opsnoof, je het ziektebeeld heel even kreeg, en daarna immuun was voor de ziekte.
Het inenten tegen de pokken was in 1700 in Turkije en Griekenland al ontstaan.
Door met een naald wat serum van een pokkenlijder in de gezonde huid te krassen. Hierdoor kreeg men dan een lichte aanval, waarna men de ziekte niet meer kreeg.
In die tijd en daarvoor vormde de pokken in Europa een ernstige bedreiging. Iedere epidemie eiste talloze slachtoffers. Omdat de ziekte vooral kinderen trof werd hij ook wel kinderpokken genoemd. Als je het overleefde liet het overal een pokdalige huid na. Soms zo ernstig dat de gelaatstrekken volledig waren verdwenen.

♦ Koepokken
Tijdens zijn praktijk hoorde hij van het oeroude geloof dat de koe meisjes en jongens (verzorgers van de koeien) die in aanraking kwamen met de ongevaarlijke ziekte voor mensen de " koepokken", geen pokken kregen. Deze pokken zijn goedaardig en zijn niet gevaarlijk voor de mens. Hij onderzocht dit bijgeloof, en het bleek waar te zijn. Hij dacht als ik nu mensen inspuit met deze ongevaarlijke koepokken, worden ze waarschijnlijk immuun voor de echte pokken.
Pas na 20 jaar experimenteren durfde hij de grote stap te nemen. Toen entte hij de arm van een 8 jarig jongetje James Phipps in met het vocht uit een blaar van een koe meisje, er waren geen bijverschijnselen. Na twee maanden entte hij hem met de echte pokken, à geen reactie. De jongen was immuun geworden!
Hij noemde deze vaccinatie naar het Latijnse woord vaccinia voor de koepokziekte.

De pokkenvaccinatie raakte overal in de kortst mogelijke tijd bekend en werd meteen uitgevoerd. Jenner kreeg terecht erkenning.

Zijn ontdekking was het resultaat van een magistrale waarneming, hoewel Jenner zelf voortdurend in de put zat doordat hij maar nooit kon uitleggen hoe zijn systeem werkte. Het zou nog honderd jaar duren voor de basiskenmerken van de immuniteit onthuld werden, maar niettemin brachten Jenners genie en doorzettingsvermogen een triomf van de preventieve geneeskunde van zijn tijd tot stand.

♦ Verdere leven
Jenners familieleven was niet al te rooskleurig. Jenner trouwde in 1788 met de 27-jarige Catherine Kingscote. Ze heeft hem drie kinderen geschonken, Edward (1789), Catherine (1794) en Robert Fitzhardinge (1797).
Zoon Edward overleed in 1810 aan tuberculose, Catherine, zijn vrouw, overleed na veel ziek te zijn geweest in 1815 eveneens aan tuberculose.
Robert is nooit getrouwd, Catherine is laat getrouwd. Jenners eerste kleinkind werd pas na zijn dood geboren.
Door de dood van zijn vrouw raakte Jenner in een depressie en stortte zich op zijn oude passies: de tuin, zijn huis en zijn verzameling fossielen.

Overleden
Op een koude januaridag in 1823 werd hij geroepen bij de begrafenisondernemer die een beroerte had gehad. De volgende morgen verscheen hij niet aan het ontbijt en een bediende werd gestuurd om hem te halen. Hij werd bewusteloos gevonden in de bibliotheek. Zijn neef Henry, deed een paar aderlatingen, (normaal in die tijd) dit zonder effect.
Hij is na zijn beroerte nooit meer bij bewustzijn gekomen. Hij overleed net na 2uur de volgende morgen op 26 januari 1823 op de leeftijd van 73 jaar.
Hij werd begraven in het familiegraf, naast het altaar in de kerk van Berkeley. Naast zijn ouders, oudste zoon en zijn vrouw Catherine.
De begrafenis was een zeer lokale aangelegenheid, zonder dat iemand uit Londen aanwezig was.

► Hij heeft duizenden levens van jonge vrouwen gered.

► Maar het leven van HEM zelf, was geen succesverhaal.

► Het was een intrieste tragedie, door hemzelf geregisseerd.

References

Wikipedia

Art lijst

Schilderijen

Schilderijen en de dokter

Overig

Historie lijst

Wetenswaardigheden lijst