1632-1723_Antonie van Leeuwenhoek

Was een Nederlandse handelsman, landmeter, wijnroeier, glasblazer en microbioloog. Van Leeuwenhoek is vooral bekend door zijn zelfgefabriceerde microscoop en zijn pionierswerk voor de celbiologie en de microbiologie.
Vanaf 1674 deed hij vele ontdekkingen die bekend werden door zijn correspondentie met de Royal Society in Londen.

Leven
Van Leeuwenhoek werd geboren te Delft in 1632 als zoon van Philips Antonyszoon, mandenmaker en Margaretha Bel van den Berch die stamde uit een geslacht van bierbrouwers.
Op 4 november 1632 werd hij gedoopt als 'Thonis Philipszoon', hij noemde zich van Leeuwenhoek omdat zijn ouderlijk huis in Delft op de hoek naast de Leeuwenpoort stond. Toen hij in 1637 vijf jaar oud was, stierf zijn vader en kort daarna hertrouwde zijn moeder. Tien jaar later overleed zijn stiefvader. Hij ging in Warmond naar school en verbleef bij een oom in Benthuizen.
Vervolgens werd hij in Amsterdam vijf tot zes jaar opgeleid tot kassier en boekhouder bij de Schotse lakenhandelaar William Davidson. Op jonge leeftijd ontwikkelde hij een brede belangstelling voor sterrekunde, wiskunde, natuurkunde en scheikunde.
Van Leeuwenhoek trouwde met Barbara de Meij en ging met haar in 1653 of 1654 in Delft wonen waar hij een winkel begon in linnen, garen en band. Ze kregen vijf kinderen en in 1666 stierf Barbara.
Het verkrijgen van de sinecure van Kamerbewaarder van Heeren Schepenen in 1660 verschafte hem een vast inkomen (een sinecure is een ambt met een salaris of privileges maar zonder wezenlijke verplichtingen).In 1669 haalde hij het landmeterexamen.

Na de dood van Johannes Vermeer in 1675 trad Van Leeuwenhoek op als executeur-testamentairvan diens nalatenschap. Hij was vier dagen na Vermeer in dezelfde kerk gedoopt. Vaak wordt verondersteld dat de twee goed bevriend waren. Sommigen opperden zelfs dat de natuurvorser misschien model heeft gestaan voor Vermeers schilderijen De Geograaf en De Astronoom, en dat hij de kunstenaar zou hebben voorzien van lenzen voor diens camera obscura, maar dit is nooit aangetoond.

Van Leeuwenhoek hertrouwde in 1671 met Cornelia Swalmius, telg uit een predikantengeslacht. De stad Delft benoemde hem in 1679 tot wijnroeier waarvoor een zekere wiskundige kennis was vereist. In 1694 overleed ook Cornelia, waarna hij alleen achterbleef met zijn dochter Maria - zijn andere kinderen waren reeds overleden.

Van Leeuwenhoek was een vermogende man. Dit blijkt uit het vermogen dat zijn dochter 20 jaar na zijn dood naliet: 90 duizend gulden, maar het blijkt ook uit zijn aankoop in 1666 van een tuin buiten de stad en dat hij in 1681 beschikte over een paard.
Op 26 augustus 1723 overleed Antoni van Leeuwenhoek in zijn geboortestad, bijna 91 jaar oud. Volgens de verhalen dicteerde hij op zijn sterfbed een brief aan de Royal Society waarin hij het fladderen van zijn middenrif zo grondig beschreef dat de aandoening de ziekte van Van Leeuwenhoek wordt genoemd. Hij werd op 31 augustus 1723 in de Oude Kerk te Delft begraven.

Microscoop
In 1648 kreeg hij voor het eerst een vergrootglas in handen: een loep voor de textielhandel met een vergrotende kracht van drie - een dradenteller. De Nederlander Jan Swammerdam (1637-1680) en de Engelsman Robert Hooke (1635-1703) gebruikten reeds een samengestelde microscoop met oculair en objectief, maar de vergrotende kracht van deze apparaten viel in het niet bij de sterke lenzen die Van Leeuwenhoek zou maken. Zo vergrootte Hookes samengestelde microscoop slechts 30x terwijl het vergrotend vermogen van de enkelvoudige microscoop van Van Leeuwenhoek kon oplopen tot 270x zoals blijkt uit een door Van Leeuwenhoek gefabriceerd exemplaar in het bezit van (Het Universiteitsmuseum in Utrecht. Het microscopisch natuurwetenschappelijk onderzoek door Hooke leidde in september 1664 tot het baanbrekende boek Micrographia: or Some Physiological Descriptions of Miniature Bodies Made by Magnifying Glasses. Hierin beschrijft Robert Hooke minutieus onder meer een plantencel, een vliegenoog en een vlo.

Het is mogelijk dat deze publicatie van Leeuwenhoek indirect geïnspireerd heeft zijn lenzen op iets anders te richten dan lakens. Van Leeuwenhoek was een autodidact: zonder enige natuurwetenschappelijke opleiding en zonder kennis van vreemde talen leerde hij zichzelf in een achtervertrek van de winkel de kunst van het observeren en beschrijven. Maar hij was ook een verbazingwekkende vakman die zichzelf glas leerde blazen, slijpen en polijsten. In tegenstelling tot de samengestelde microscoop van Hooke klemde van Leeuwenhoek vrijwel altijd één lens tussen twee metalen plaatjes, het te bestuderen onderwerp werd met schroeven vastgeklemd en in een positie geplaatst zodat het scherp kon worden waargenomen.

Geheime methode
Zijn wetenschappelijke status stond of viel met zijn exclusieve kennis van lenzenproductie en daarom hield hij zijn methode angstvallig geheim. Hij legde zijn waarnemingen en conclusies vast in brieven die hij aan bekenden schreef waardoor de Delftse arts anatoom Reinier de Graaf hem in 1673 introduceerde bij de Royal Society in Londen. Vanaf 1674 werden zijn bevindingen gepubliceerd in de Philosophical Transactions, maar op den duur wekten zijn wonderlijke waarnemingen zoveel ongeloof dat een delegatie werd afgevaardigd om de microscopische wezentjes met eigen ogen te aanschouwen.

In 1680 benoemde de Society hem als lid en kreeg hij erkenning voor zijn wetenschappelijke productie. Vele preparaten stuurde Van Leeuwenhoek naar Londen.
In 1931 ontdekte de Britse microscopist Brian J. Ford dat Van Leeuwenhoeks oorspronkelijke preparaten in uitstekende staat en van hoge kwaliteit bewaard waren in de Royal Society’s verzamelingen.
Tot aan zijn dood, in 1723, stuurde Van Leeuwenhoek brieven met zijn bevindingen naar de Royal Society.

Ontdekkingen
- In 1674: infusoria (afgietseldiertjes, mini-waterorganismen) en protisten (eencelligen met een celkern) gevonden tijdens waterbloei in het Berkelse Meer bij Rotterdam.
- in 1675: ontleding van luizen-eieren en ontdekking van embryonale luizen, waarmee de theorie van de spontane generatie wordt ondermijnd.
- in 1676: bacteriën in een peper-infuus. De bijna onzichtbare kaasmijt, die leeft in oude, harde kaas werd destijds voor het kleinste diertje gehouden.
- in 1677: spermatozoa. Via een professor uit Leiden krijgt hij de beschikking over het sperma van een man die aan gonorroe lijdt, maar de materie is binnen een paar uur dood. Vervolgens doet hij onderzoek op gezond sperma. Hij ziet een geweldige menigte diertjes.. De zaadcellen bewegen (met hun staart) en daarom zijn zij volgens hem de levensdragers. De vrouwelijke voortplantingsorganen dienen slechts voor de voedselvoorziening voor de reeds aanwezige organismen in het sperma. Hij laat de tekst over de menselijke zaadcellen in het Latijn vertalen.
- in 1682: streeppatroon op spiervezels.
- in 1688: onderzoek naar bloed en bloedsomloop leidt tot de publicatie van Den waaragtigen omloop des bloeds, als mede dat de arteriën en venae gecontinueerde bloedvaten zijn, klaar voor de oogen gestelt.
- in 1694: nauwkeurige beschrijving van het facetoog van een libel.
- in 1694: anastomosen (netwerk) in het spierweefsel van een eendenhart. Dit netwerk werd pas in 1849 herontdekt.


Hier een stukje tekst wat hij schreef
Dat in de gezeide materie waren, veele zeer kleine dierkens, die daar zeer aardig beweegden. De grootste soort,was van Fig.A. dezelfve hadden een zeer starke beweginge, en schoten door het water,of speeksel, als een snoek door het water doet;deze waren meest doorgaans weinig in getal"

Van Leeuwenhoek realiseerde zich dat de observatie van sperma een gevoelige kwestie was en daarom schreef hij:
"That what I am observing is just what nature, not by sinfully defiling myself, but as a natural consequence of conjugal coitus..."

vertaling:“dat wat ik observeer is wat de natuur, niet op zondige wijze te bevuilen, maar een natuurlijke gevolg van een echtelijke coitus”

SIMPEL GEZEGD; DAT HIJ NIET ZICHZELF HAD GEHOLPEN – dit was nl STRAFBAAR

24 april 1676 geboortedag van de bacteriologie

Veel belangrijke mensen brachten een bezoekje aan Delft, zoals de Engelse koning, ---Tsaar Peter de Grote---, Spinoza en andere groten uit zijn tijd.
Ze bleken overigens wel moeite te hebben om door zijn kleine microscoop te kijken en sommige hebben lang gedacht dat van Leeuwenhoek maar wat verzon over zijn “kleine dierkens”.

References

♦Wikipedia

Foto's
Wikipedia

http://www.scheppingswetenschap.nl/antoni-van-leeuwenhoek.html
http://anthonyvanleuwenhook.blogspot.com/2014/02/new-antoni-van-leeuwenhoek-microscope.html
https://biologielessen.nl/index.php/a-8/2277-microscoop

 

Art lijst

Schilderijen

Schilderijen en de dokter

Overig

Historie lijst

Wetenswaardigheden lijst